I. Exploitatie-uitgaven
|
JR 2023
|
MJP 2023
|
%
|
A. Operationele uitgaven
|
67.218.175
|
68.348.038
|
98,3%
|
1. Goederen en diensten
|
13.210.252
|
14.157.638
|
93,3%
|
2. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen
|
41.834.626
|
41.783.302
|
100,1%
|
3. Individuele hulpverlening door het OCMW
|
3.501.968
|
3.760.200
|
93,1%
|
4. Toegestane werkingssubsidies
|
8.448.947
|
8.557.897
|
98,7%
|
5. Andere operationele uitgaven
|
222.382
|
89.000
|
249,9%
|
B. Financiële uitgaven
|
1.555.375
|
1.615.920
|
96,3%
|
Totaal
|
68.773.550
|
69.963.958
|
98,3%
|
Voor wat betreft de exploitatieuitgaven realiseren we 98,3 % van de geraamde bedragen.

De grafiek laat zien dat een belangrijk verschil te vinden is bij de aankoop van goederen en diensten. Er werd 947.386 euro minder uitgegeven dan we begroot hadden.
De uitgaven voor energie kenden een sterke toename in 2022. Voor boekjaar 2023 zien we een terugkeer naar de niveaus van voor de energiecrisis. De uitgaven liggen dan ook merkelijk lager dan de budgetten die we voorzien hadden.
|
Realisatie 2021
|
Realisatie 2022
|
Realisatie 2023
|
Budget 2023
|
Elektriciteit
|
932.806
|
1.503.145
|
827.210
|
882.552
|
Gas
|
500.959
|
959.583
|
376.407
|
468.824
|
Verder stellen we vast dat onder andere de uitgaven voor schoonmaak en aankopen werkingsmateriaal lager uitvallen dan we begroot hadden.
De bezoldigingen realiseren zich voor 100,1%. De loonmassa stijgt met 3.251.246 euro tegenover 2022. Een aanzienlijk deel hiervan (1.173.402 euro) bestaat uit loonkosten die ten laste vallen van andere overheden. De toename van de categorie “C. Niet-vastbenoemd niet-onderwijzend personeel” kwam er, onder andere, door een forse toename van de responsabiliseringsbijdrage (+ 509.612 euro).
Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen
|
JR 2022
|
JR 2023
|
verschil
|
a. Politiek personeel
|
678.186
|
736.784
|
58.598
|
b. Vastbenoemd niet-onderwijzend personeel
|
7.872.917
|
7.968.154
|
95.237
|
c. Niet-vastbenoemd niet-onderwijzend personeel
|
16.002.627
|
17.784.158
|
1.781.531
|
d. Onderwijzend personeel ten laste van het bestuur
|
193.023
|
177.206
|
-15.816
|
e. Onderwijzend personeel ten laste van andere overheden
|
12.789.605
|
13.963.007
|
1.173.402
|
f. Andere personeelskosten
|
841.107
|
938.067
|
96.960
|
g. Pensioenen
|
205.916
|
267.249
|
61.333
|
Totaal
|
38.583.380
|
41.834.626
|
3.251.246
|
De individuele hulpverlening door het OCMW blijft binnen het vooropgestelde budget, maar we zien wel een significante toename in vergelijking met de voorbije jaren. Dit is voornamelijk te verklaren door hogere uitgaven in het kader van de Oekraïnecrisis. Hier staan echter ook inkomsten tegenover.
We realiseerden 98,7% van de toegestane werkingssubsidies. Een detail van deze subsidies vindt u bij de documentatie die samen met deze jaarrekening aan de raad wordt voorgelegd.
De andere operationele uitgaven worden voor 249,9% gerealiseerd. Hierin vinden we onder andere de betaling van de onroerende voorheffing en minwaarden op de realisatie van operationele vorderingen.
De financiële uitgaven werden gerealiseerd voor 96,3%. De budgetten werden afgestemd met de leningsvooruitzichten van de banken.