Financiële bespreking
Inleiding bij de financiële bespreking
Terug naar navigatie - - Inleiding bij de financiële besprekingDe cijfers worden besproken aan de hand van schema J2, de staat van het financieel evenwicht, en schema T2, de ontvangsten en uitgaven naar economische aard.
We maken twee soorten analyses: een vergelijking van de cijfers uit de jaarrekening (JR) met de budgetten uit het meerjarenplan (MJP) en een vergelijking van de cijfers uit de jaarrekening van dit jaar met die van vorig jaar.
Bespreking van de exploitatie, de investeringen en de financiering
Terug naar navigatie - - Bespreking van de exploitatie, de investeringen en de financieringExploitatie
Terug naar navigatie - - ExploitatieDeze rubriek bevat de dagelijkse uitgaven en ontvangsten. Deze budgetten volgen we op aan de hand van een matrix die de gegevens opdeelt naar soort:
|
Uitgaven |
|
Ontvangsten |
||
|
60/61 |
goederen en diensten |
|
70 |
verkopen en prestaties |
|
62 |
lonen |
|
73 |
fiscale ontvangsten |
|
64 |
andere uitgaven |
|
74 |
subsidies en recuperaties |
|
649 |
toegestane subsidies |
|
75 |
financiële ontvangsten |
|
65 |
financiële uitgaven |
|
|
|
Deze onderverdeling hanteren we ook bij de bespreking van de meerjarenplanning en het opvolgrapport. Het is een indeling die we ook terugvinden in het vennootschapsboekhouden en in het toelichtende schema T2 van de BBC.
Exploitatieontvangsten
Terug naar navigatie - Exploitatie - ExploitatieontvangstenDeze rubriek bevat de dagelijkse uitgaven en ontvangsten. Deze budgetten volgen we op aan de hand van een matrix die de gegevens opdeelt naar soort:
|
Uitgaven |
|
Ontvangsten |
||
|
60/61 |
goederen en diensten |
|
70 |
verkopen en prestaties |
|
62 |
lonen |
|
73 |
fiscale ontvangsten |
|
64 |
andere uitgaven |
|
74 |
subsidies en recuperaties |
|
649 |
toegestane subsidies |
|
75 |
financiële ontvangsten |
|
65 |
financiële uitgaven |
|
|
|
Deze onderverdeling hanteren we ook bij de bespreking van de meerjarenplanning en het opvolgrapport. Het is een indeling die we ook terugvinden in het vennootschapsboekhouden en in het toelichtende schema T2 van de BBC.
Ontvangsten
|
II. Exploitatieontvangsten |
Rek 2025 |
Mjp 2025 |
% |
|
A. Operationele ontvangsten |
76.116.038 |
76.197.077 |
99,9% |
|
1. Ontvangsten uit de werking |
9.330.563 |
9.802.407 |
95,2% |
|
2. Fiscale ontvangsten en boetes |
27.917.479 |
27.078.601 |
103,1% |
|
3. Werkingssubsidies |
36.425.397 |
37.145.733 |
98,1% |
|
4. Recuperatie individuele hulpverlening |
731.598 |
411.450 |
177,8% |
|
5. Andere operationele ontvangsten |
1.711.001 |
1.758.886 |
97,3% |
|
B. Financiële ontvangsten |
1.235.523 |
1.222.899 |
101,0% |
|
TOTAAL ONTVANGSTEN |
77.351.560 |
77.419.976 |
99,9% |
We registreerden, in globo, exact evenveel exploitatieontvangsten dan budgettair vooropgesteld: 99,9%.
De ‘ontvangsten uit de werking’ liggen lager dan onze ramingen (95,2%). Ten opzichte van de realisatie van 2024 noteren we een toename met 0,6%.
De realisatie van de ‘fiscale ontvangsten en boetes’ ligt met een realisatiegraad van 103,1% hoger dan begroot.
De twee grote belastingen die deze rubriek bepalen zijn (zie ook schema T2):
- De opcentiemen op de onroerende voorheffing:
- De realisatie ligt quasi op het vooropgestelde budget: een realisatie van 12,36 miljoen euro ten opzichte van een budget van 12,35 miljoen euro.
- De aanvullende personenbelasting:
- De inkomsten uit deze belasting kennen een grilliger verloop. We ontvingen in 2025 een bedrag van 11,77 miljoen euro, wat opvallend meer is dan het budget van 11,24 miljoen euro. We gaan er van uit dat hier wellicht sprake zal zijn van een verschuiving in de tijd.
We ontvingen iets minder werkingssubsidies dan voorzien (realisatiegraad van 98,1%). De belangrijkste werkingssubsidies die we ontvangen zijn:
- De bijdrage van de overheid voor de bezoldiging van het onderwijzend personeel (15,2 miljoen euro),
- Gemeentefonds (7 miljoen euro),
- Dotatie responsabiliseringsbijdrage (1,5 miljoen euro),
- Werkingstoelagen onderwijs (1,6 miljoen euro).
De recuperatie van de individuele dienstverlening betreft de terugvorderingen bij de cliënten van de sociale dienst van het OCMW. Het gaat over terugvorderbare steun of terugvorderingen naar aanleiding van fraude of correcties. Deze budgetpost is moeilijk te ramen en is afhankelijk van de beslissingen van het Bijzonder Comité Sociale Dienst. We zien een realisatiegraad van 177,8%.
De andere operationele opbrengsten realiseren zich onder budget (97,3%). Voor boekjaar 2025 bestaat deze categorie in belangrijke mate uit het bedrag van 1,1 miljoen euro dat we ontvingen in het kader van de dading m.b.t. de dakwerken aan Fort 4. Ook deze budgetpost is te moeilijk te ramen en is onder andere afhankelijk van ongevallen en uitkeringen van de verzekering.
Onder de financiële ontvangsten vinden we de dividenden van onze deelnemingen. Deze ontvangsten liggen in lijn met de ramingen.
Onderstaande grafiek geeft de verschillen in absolute cijfers weer tussen de realisatie en het budget voor boekjaar 2025.

Exploitatieuitgaven
Terug naar navigatie - Exploitatie - Exploitatieuitgaven|
I. Exploitatie-uitgaven |
Rek 2025 |
Mjp 2025 |
% |
|
A. Operationele uitgaven |
76.116.038 |
76.197.077 |
99,9% |
|
1. Goederen en diensten |
9.330.563 |
9.802.407 |
95,2% |
|
2. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen |
27.917.479 |
27.078.601 |
103,1% |
|
3. Individuele hulpverlening door het OCMW |
36.425.397 |
37.145.733 |
98,1% |
|
4. Toegestane werkingssubsidies |
731.598 |
411.450 |
177,8% |
|
5. Andere operationele uitgaven |
1.711.001 |
1.758.886 |
97,3% |
|
B. Financiële uitgaven |
1.235.523 |
1.222.899 |
101,0% |
|
TOTAAL UITGAVEN |
77.351.560 |
77.419.976 |
99,9% |
Voor wat betreft de exploitatieuitgaven realiseren we 98,8 % van de geraamde bedragen.

De grafiek laat zien dat een verschil te vinden is bij de aankoop van goederen en diensten. Er werd 320.768 euro minder uitgegeven dan we begroot hadden.
De uitgaven voor energie kenden een sterke toename in 2022. Vanaf boekjaar 2023 zagen we een terugkeer naar de niveaus van voor de energiecrisis. De uitgaven van 2025 liggen terug iets hoger dan in 2024. De uitgaven liggen ook hoger dan de voorziene budgetten.
|
|
realisatie 2022 |
realisatie 2023 |
realisatie 2024 |
realisatie 2025 |
|
Elektriciteit |
1.503.145 |
827.210 |
646.072 |
713.002 |
|
Gas |
959.583 |
376.407 |
315.899 |
354.816 |
Verder zien we dat onder andere de uitgaven voor erelonen en vergoedingen, uitzendkrachten en de bijdrage aan IGEAN hoger uitvallen dan we begroot hadden. De uitgaven voor aankopen computermateriaal en onderhoud en herstelling van meubilair lagen iets onder budget.
De bezoldigingen realiseren zich voor 98,4%. De loonmassa stijgt met 1.014.890 euro tegenover 2024. Een aanzienlijk deel hiervan (387.255 euro) bestaat uit loonkosten die ten laste vallen van andere overheden.
De totale loonkost van het vastbenoemd personeel is status quo ten opzichte van 2024, ondanks de toename van de responsabiliseringsbijdrage.
We zien een beperkte toename (+1,2%) binnen de categorie “Niet-vastbenoemd niet-onderwijzend personeel”.
De toename van de premies voor de verzekering arbeidsongevallen is de belangrijkste oorzaak van de stijging van de “andere personeelskosten”
|
Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen |
Rek 2024 |
Rek 2025 |
VERSCHIL |
|
a. Politiek personeel |
707.378 |
849.218 |
141.840 |
|
b. Vastbenoemd niet-onderwijzend personeel |
8.866.071 |
8.838.250 |
-27.821 |
|
c. Niet-vastbenoemd niet-onderwijzend personeel |
18.289.978 |
18.511.664 |
221.686 |
|
d. Onderwijzend personeel ten laste van het bestuur |
200.076 |
222.294 |
22.218 |
|
e. Onderwijzend personeel ten laste van andere overheden |
14.706.460 |
15.093.715 |
387.255 |
|
f. Andere personeelskosten |
931.068 |
1.125.661 |
194.593 |
|
g. Pensioenen |
283.185 |
358.305 |
75.120 |
|
TOTAAL |
43.984.217 |
44.999.107 |
1.014.890 |
De individuele hulpverlening door het OCMW overschrijdt het budget met 5%. We stellen bovendien vast dat de stijgende tendens van de voorbije jaren zich verderzet. We zien met name een verdere toename van de uitgekeerde leeflonen en van de tussenkomst in de verblijfkosten van door het OCMW gesteunde residenten.
We realiseerden 99,3% van de toegestane werkingssubsidies. Ten opzichte van 2024 is er evenwel een toename met 8,2%. Dit is in belangrijke mate te wijten aan de toename van de dotatie voor Politiezone Minos. De prijssubsidies voor AGB Mortsel liggen lager dan in 2024. Een detail van deze subsidies vindt u bij de documentatie die samen met deze jaarrekening aan de raad wordt voorgelegd.
De andere operationele uitgaven worden voor 261,2% gerealiseerd. Hierin vinden we onder andere de betaling van de (on)roerende voorheffing, minwaarden op de realisatie van operationele vorderingen en de terugbetaling van waarborgen.
De financiële uitgaven werden gerealiseerd voor 96,7%. De budgetten werden afgestemd met de leningsvooruitzichten van de banken.
Exploitatieresultaat
Terug naar navigatie - Exploitatie - Exploitatieresultaat|
Resultaten |
|
Rek 2025 |
Mjp 2025 |
% |
Verschil |
|
I. Exploitatiesaldo |
(a-b) |
2.593.782 |
1.843.221 |
|
750.561 |
|
a. Ontvangsten |
77.351.560 |
77.419.976 |
99,9% |
|
|
|
b. Uitgaven |
74.757.779 |
75.576.755 |
98,9% |
|
We noteren een positief exploitatiesaldo van 2.593.782 euro, wat hoger uitvalt dan geraamd.
Het exploitatieresultaat is voldoende hoog om te eindigen met een positieve autofinancieringsmarge: deze indicator zet dit resultaat af tegenover de leningslasten.
Ten opzichte van 2024 stellen we vast dat zowel de exploitatieontvangsten als de exploitatieuitgaven een groei kennen van 4,3%. Dit maakt dat het exploitatieresultaat toeneemt van 2.494.039 euro in 2024 tot 2.593.782 euro in 2025.
Conclusie
Terug naar navigatie - Exploitatie - ConclusieHet exploitatieresultaat ligt aanzienlijk boven budget en is hoger dan het vorige boekjaar.
De totaliteit van de exploitatieontvangsten komt exact overeen met het budget. De exploitatieuitgaven eindigen dan weer licht onder het vooropgestelde budget. De combinatie van deze twee bewegingen resulteert in een hoger van voorzien exploitatiesaldo.
Investeringen
Terug naar navigatie - - InvesteringenUit het schema J2 kunnen we de realisatie van de investeringsbudgetten afleiden:
|
Resultaten |
|
REK 2025 |
MJP 2025 |
% |
Verschil |
|
II. Investeringssaldo |
(a-b) |
-1.842.239 |
-3.957.520 |
|
2.115.281 |
|
a. Ontvangsten |
9.826.688 |
10.760.886 |
91,3% |
|
|
|
b. Uitgaven |
11.668.927 |
14.718.406 |
79,3% |
|
We realiseren 79,3% van onze geraamde investeringsuitgaven en 91,3% van onze investeringsontvangsten. Het investeringsresultaat is daarvoor meer dan 2 miljoen euro gunstiger dan begroot.
Investeringsontvangsten
Terug naar navigatie - Investeringen - InvesteringsontvangstenDoorheen het jaar volgen we de investeringsbudgetten op per investeringsproject. Per project registreerden we de volgende ontvangsten:
|
investeringsontvangsten |
REK 2025 |
MJP 2025 |
|
IP-03 STADSTERRAS |
1.076.414 |
76.415 |
|
IP-04 NIEUWE STADSWERKEN |
2.000.000 |
2.890.000 |
|
IP-05 OPTIMALISATIE PATRIMONIUM |
0 |
1.221.343 |
|
IP-06 VERBETEREN VAN HET STADSBEELD |
315.826 |
490.052 |
|
IP-08 HUISVESTING SPECIFIEKE DOELGROEPEN |
79.750 |
454.750 |
|
IP-11 ROERENDE GOEDEREN |
20.000 |
20.000 |
|
IP-12 EXTERNE BESTUREN |
739.383 |
860.100 |
|
IP-15 VERBETEREN VRIJETIJDSPATRIMONIUM |
5.664 |
5.664 |
|
IP-21 OVERNAME OPENBAAR VERLICHTINGSNET DOOR FLUVIUS |
53.979 |
53.980 |
|
IP-24 DIGITALISERING INTERNE EN EXTERNE WERKING |
18.708 |
131.183 |
|
IP-28 FORT 4 |
5.516.964 |
4.557.400 |
|
Eindtotaal |
9.826.688 |
10.760.886 |
- IP-03: We ontvingen opnieuw deelbetalingen in het kader van de verkoop van het project “Stadsterras”. Deze ontvangsten kwamen al sneller binnen dan voorzien.
- IP-04: We ontvingen de eerste deelbetalingen in het kader van de verkoop van het project “Benedicte”.
- IP-05: De geplande verkopen van gronden aan de Bremveldlaan, het project Thieffrylaan en het gebouw aan de Antwerpsestraat werden niet gerealiseerd.
- IP-06: Voor verschillende wegenwerken ontvingen we subsidies of werd een deel van de werken doorgefactureerd aan andere partijen.
- IP-08: We ontvingen een tweede schijf van de subsidie voor de aankoop van het gebouw aan de Van Peborghlei. De verkoop van de noodwoning aan de Guido Gezellelaan 146 werd niet gerealiseerd in 2025.
- IP-11: We verkochten een vleugelpiano aan lokaal bestuur Edegem.
- IP-12: We ontvingen bedragen voor de DBFM van de scholen en VIPA-subsidies voor het woonzorgcentrum.
- IP-15: In het kader van de renovatie van jeugdlokalen werd een premie ontvangen.
- IP-21: We ontvingen 53.979 euro van Fluvius in het kader van de overname van de openbare verlichting.
- IP-24: We voorzagen investeringssubsidies ten belope van 131.183 euro voor het project LB365 (Gemeente zonder gemeentehuis) en voor de ontwikkeling van de slimme virtuele medewerker. Hiervan werd in 2025 slechts 18.708 euro ontvangen.
- IP-28: Na de beslissing om de BV Fort 4 te ontbinden en de ontwikkeling van het fort door de stad te laten doen, werden de subsidies die in het verleden werden ontvangen, opgenomen in de jaarrekening van de Stad.
Investeringsuitgaven
Terug naar navigatie - Investeringen - InvesteringsuitgavenWe realiseerden 81,3% van de budgetten die we voorzagen voor de investeringsuitgaven.
|
investeringsuitgaven |
Actieplan |
REK 2025 |
MJP 2025 |
|
IP-01 STADHUIS |
2.1.1 |
5.012.676 |
6.397.565 |
|
IP-03 STADSTERRAS |
|
55.835 |
80.000 |
|
IP-04 NIEUWE STADSWERKEN |
6.1.3 |
147.783 |
299.904 |
|
IP-06 VERBETEREN VAN HET STADSBEELD |
1.1.2 |
1.320.346 |
2.052.499 |
|
IP-08 HUISVESTING SPECIFIEKE DOELGROEPEN |
3.5.5 |
837.202 |
881.367 |
|
IP-09 ONDERHOUD GEBOUWEN |
|
350.020 |
871.553 |
|
IP-10 RUP's |
1.1.3 |
32.320 |
41.138 |
|
IP-11 ROERENDE GOEDEREN |
5.2.6 |
224.065 |
644.779 |
|
IP-12 EXTERNE BESTUREN |
|
483.430 |
492.104 |
|
IP-13 ICT |
|
191.322 |
297.875 |
|
IP-15 VERBETEREN VRIJETIJDSPATRIMONIUM |
2.1.4 |
|
159.137 |
|
IP-19 TRAGE WEGENNETWERK |
1.3.1 |
0 |
30.000 |
|
IP-20 VERKEERSVEILIGHEID |
1.3.3 |
85.485 |
202.889 |
|
IP-21 OVERNAME OPENBAAR VERLICHTINGSNET DOOR FLUVIUS |
|
987.970 |
360.000 |
|
IP-22 WELZIJNSHUIS |
3.2.1 |
60.155 |
127.407 |
|
IP-24 DIGITALISERING INTERNE EN EXTERNE WERKING |
6.2.1 |
246.512 |
346.653 |
|
IP-25 RENOVATIE GAW MEERMINNE |
3.4.3 |
190.254 |
198.843 |
|
IP-27 DIGIBANK ZORA WERKT |
5.2.4 |
13.383 |
25.000 |
|
IP-28 FORT 4 |
|
1.270.922 |
1.209.693 |
|
Eindtotaal |
|
11.668.902 |
14.718.406 |
Sommige investeringsprojecten zijn gelinkt aan een actieplan, dat in de tweede kolom van de tabel wordt weergegeven. De actieplannen en de realisatie van hun budgetten worden in detail besproken in de beleidsevaluatie. De investeringen die niet aan een actieplan gelinkt zijn worden hieronder verder toegelicht.
- IP-03: Voor het project Stadsterras werd er 55.835 euro uitgegeven voor de aankoop van de ondergrondse parking.
- IP-09: We realiseerden tal van ingrepen en onderhoudswerken aan ons patrimonium.
- IP-11: We investeerden onder andere in bomen, planten en allerlei materiaal voor de groendienst, medisch materiaal voor de zorg, herstellingen van speeltuinen, machines voor de technische dienst en de keuken van het woonzorgcentrum en diverse kleinere investeringen zoals fietsen, meubilair, muziekinstrumenten en dergelijke.
- IP-12: Op deze plaats budgetteerden we de investeringstoelagen voor de hulpverleningszone en de erediensten.
- IP-13: Op het vlak van ICT werd, naast de recurrente investeringen in laptops en ander ICT-materiaal ook geïnvesteerd in ICT in de scholen en de academies.
- IP-21: De deelname van Fluvius werd conform de richtlijnen van de centrale overheid ingeboekt.
- IP-28: Na de beslissing om de BV Fort 4 te ontbinden en de ontwikkeling van het fort door de stad te laten doen, werden de werken die in het verleden werden uitgevoerd, opgenomen in de jaarrekening van de Stad.
Conclusie
Terug naar navigatie - Investeringen - ConclusieHet investeringssaldo is 2,1 miljoen euro beter dan geraamd. De niet-aangewende uitgaven en ontvangsten werden eind februari door het vast bureau en het college van burgemeester en schepenen overgedragen naar 2026.
Financiering
Terug naar navigatie - - Financiering|
Resultaten |
|
REK 2025 |
MJP 2025 |
% |
Verschil |
|
IV. Financieringssaldo |
(a-b) |
601.675 |
683.760 |
|
-82.085 |
|
a. Ontvangsten |
4.087.304 |
4.071.000 |
100,4% |
|
|
|
b. Uitgaven |
3.485.629 |
3.387.240 |
102,9% |
|
Financieringsontvangsten
Terug naar navigatie - Financiering - FinancieringsontvangstenDe ontvangsten in deze rubriek bestaan uit verschillende elementen:
- We namen een nieuwe lening op van 2.350.000 euro.
- De verledding van de openbare verlichting door Fluvius, die conform de richtlijnen van het bestuurlijk toezicht werd ingeboekt, genereert een ontvangst op deze rubriek van 987.970 euro.
- Het AGB betaalde in 2025 een totaalbedrag van 745.333 euro terug in het kader van de leningen die de stad haar ter beschikking stelde.
- De Kompanie betaalde 4.000 euro aan renteloze leningen terug.
Financieringsuitgaven
Terug naar navigatie - Financiering - FinancieringsuitgavenDe uitgaven bestaan uit de kapitaalsaflossingen van onze diverse leningen ten belope van 3.485.629 euro.
Conclusie
Terug naar navigatie - Financiering - ConclusieOok bij de financiering zien we hoge realisatiegraden, zowel bij de ontvangsten als de uitgaven. Het financieringssaldo wijkt daardoor slechts in beperkte mate af van de ramingen.
Samenvatting
Terug naar navigatie - - SamenvattingDe exploitatie, de investeringen en de financiering bepalen samen het budgettair resultaat van het boekjaar. Deze bedragen komen samen in het schema J2.
|
Resultaten |
REK 2025 |
MJP 2025 |
% |
Verschil |
|
I. Exploitatiesaldo |
2.593.782 |
1.843.221 |
|
750.561 |
|
a. Ontvangsten |
77.351.560 |
77.419.976 |
99,9% |
|
|
b. Uitgaven |
74.757.779 |
75.576.755 |
98,9% |
|
|
II. Investeringssaldo |
-1.842.239 |
-3.957.520 |
|
2.115.281 |
|
a. Ontvangsten |
9.826.688 |
10.760.886 |
91,3% |
|
|
b. Uitgaven |
11.668.927 |
14.718.406 |
79,3% |
|
|
III. Saldo exploitatie en investeringen |
751.543 |
-2.114.299 |
|
|
|
IV. Financieringssaldo |
601.675 |
683.760 |
|
-82.085 |
|
a. Ontvangsten |
4.087.304 |
4.071.000 |
100,4% |
|
|
b. Uitgaven |
3.485.629 |
3.387.240 |
102,9% |
|
|
V. Budgettair resultaat van het boekjaar |
1.353.218 |
-1.430.539 |
|
|
|
VI. Gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar |
1.966.371 |
1.966.371 |
|
|
|
VII. Gecumuleerd budgettair resultaat |
3.319.589 |
535.832 |
|
|
|
VIII. Onbeschikbare gelden |
0 |
0 |
|
|
|
IX. Beschikbaar budgettair resultaat |
3.319.589 |
535.832 |
|
|
Lokaal bestuur Mortsel sluit 2025 af met een beschikbaar budgettair resultaat van 3.319.589 euro. Dit is aanzienlijk beter dan begroot. Dit verschil kan als volgt verklaard worden:
- Het exploitatieresultaat is hoger dan voorzien;
- Het investeringssaldo is 2,1 miljoen euro beter dan geraamd.
- Het financieringssaldo ligt in de lijn van de verwachtingen.
Het budgettair resultaat van 2025 zal met de volgende aanpassing aan het meerjarenplan worden ingeschreven als beginbedrag voor 2026.
De staat van het financieel evenwicht
Terug naar navigatie - - De staat van het financieel evenwichtHet meerjarenplan 2020-2025 voldeed aan de evenwichten die de wetgever ons oplegt. Ook de aanpassing van dit meerjarenplan, goedgekeurd in de gemeenteraad van oktober 2025, blijft deze evenwichten respecteren. De BBC legt ons nog een aantal structurele evenwichten op, die we in het schema J2 kunnen opvolgen.
Beschikbaar budgettair resultaat
Terug naar navigatie - De staat van het financieel evenwicht - Beschikbaar budgettair resultaatHet beschikbaar budgettair resultaat moet steeds groter zijn dan nul. In elk jaar van de meerjarenplanning moet deze waarde positief zijn. De som van de exploitatie, investeringen en financiering moet - na verrekening van het beginsaldo vanuit het vorige boekjaar - resulteren in een positief saldo.
|
Resultaten |
|
Jaarrekening |
Meerjarenplan |
|
IX. Beschikbaar budgettair resultaat |
(VII-VIII) |
3.319.589 |
535.832 |
We stelden een positief saldo van 535.832 euro voorop in de meerjarenplanning. De jaarrekening klokt af op een bedrag van 3.319.589 euro. Het betere exploitatie- en investeringssaldo is hiervan de belangrijkste oorzaak.
Autofinancieringsmarge
Terug naar navigatie - De staat van het financieel evenwicht - AutofinancieringsmargeDe autofinancieringsmarge (AFM) geeft de verhouding weer van het resultaat van de exploitatie en de kapitaalsaflossingen van de leningen. Het overschot op de exploitatie moet groter zijn dan de te betalen leningslasten. Zo toont het bestuur aan dat het in staat is haar verplichtingen tegenover haar schuldeisers te kunnen nakomen. Deze evenwichtsvoorwaarde geldt niet voor het AGB. Stad en OCMW - die geconsolideerd rapporteren - moeten hier wel aan voldoen.
|
Autofinancieringsmarge |
|
Jaarrekening |
Meerjarenplan |
|
I. Exploitatiesaldo |
2.593.782 |
1.843.221 |
|
|
II. Netto periodieke aflossingen |
(a-b) |
1.996.921 |
1.781.805 |
|
a. Periodieke aflossingen conform de verbintenissen |
3.485.629 |
3.387.240 |
|
|
b. Periodieke terugvordering leningen |
1.488.707 |
1.605.435 |
|
|
III. Autofinancieringsmarge |
(I-II) |
596.860 |
61.416 |
We zijn in het meerjarenplan uitgegaan van een positieve AFM van 61.416 euro. Het hoger dan verwachte exploitatieresultaat zorgt ervoor dat ook de AFM beter uitvalt dan voorzien: 596.860 euro.
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge
Terug naar navigatie - De staat van het financieel evenwicht - Gecorrigeerde autofinancieringsmargeDe gecorrigeerde autofinancieringsmarge (GAFM). Deze waarde is indicatief, de wetgever verbond er geen evenwichtsvoorwaarde aan. Deze indicator geeft de autofinancieringsmarge weer die berekend is op basis van de lopende en ingeschreven leningen die fictief aan 8% per jaar worden afgelost. De ‘gewone’ autofinancieringsmarge vertrekt van de reëel ingeschreven kapitaalsaflossingen.
|
Gecorrigeerde autofinancieringsmarge |
|
Jaarrekening |
Meerjarenplan |
|
I. Autofinancieringsmarge |
596.860 |
61.416 |
|
|
II. Correctie op de periodieke aflossingen |
(a-b) |
-1.450.255 |
-1.548.643 |
|
a. Periodieke aflossingen conform de verbintenissen |
3.485.629 |
3.387.240 |
|
|
b. Aangewezen aflossingen o.b.v. de financiële schulden |
4 695 350 |
4.935.883 |
|
|
III. Gecorrigeerde autofinancieringsmarge |
(I+II) |
-853.394 |
-1.487.228 |
Net zoals de AFM valt ook de gecorrigeerde AFM beter uit dan gebudgetteerd: –853.394 euro ten opzichte van een gebudgetteerde gecorrigeerde AFM van -1.487.228 euro.
Mortsel financiert zich gemiddeld op een langere termijn dan wat de GAFM simuleert. Daarom is het verschil tussen de AFM en de GAFM groot.
Conclusie
Terug naar navigatie - De staat van het financieel evenwicht - ConclusieHet beschikbaar budgettair resultaat in de jaarrekening is beter dan wat we voorzagen in het meerjarenplan. Ook de autofinancieringsmarge is hoger dan gebudgetteerd en positief.