Operationele uitgaven
|
A. Operationele uitgaven
|
Rek 2024
|
Mjp 2025
|
Mjp 2026
|
Mjp 2027
|
|
1. Goederen en diensten
|
13.562.605
|
14.048.407
|
13.277.150
|
13.253.950
|
|
2. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen
|
43.984.217
|
45.744.159
|
46.569.278
|
47.461.830
|
|
3. Individuele hulpverlening door het OCMW
|
3.642.980
|
4.130.290
|
3.048.050
|
3.108.900
|
|
4. Toegestane werkingssubsidies
|
8.659.966
|
9.435.599
|
8.859.617
|
9.036.800
|
|
5. Andere operationele uitgaven
|
86.299
|
100.600
|
97.300
|
99.100
|
|
Totaal Operationele Uitgaven
|
69.936.066
|
73.459.055
|
71.851.395
|
72.960.580
|
Financiële uitgaven
|
B. Financiële uitgaven
|
Rek 2024
|
Mjp 2025
|
Mjp 2026
|
Mjp 2027
|
|
1. Rente, commissies en kosten verbonden aan schulden
|
1.739.111
|
2.115.000
|
1.858.700
|
1.895.700
|
|
2. Andere financiële uitgaven
|
3.092
|
2.700
|
2.800
|
2.800
|
|
Totaal Financiële Uitgaven
|
1.742.203
|
2.117.700
|
1.861.500
|
1.898.500
|
De cijfers van 2024 zijn deze van de jaarrekening en werden aldaar besproken. De cijfers 2025 werden bijgesteld op basis van de tussentijdse realisatie.
De cijfers 2025-2027 verschillen als volgt van de vorige raming (december 2024):
|
A. Operationele uitgaven
|
Mjp 2025
|
Mjp 2026
|
Mjp 2027
|
TOTAAL
|
|
1. Goederen en diensten
|
539.113
|
280.000
|
0
|
819.113
|
|
2. Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen
|
378.550
|
0
|
0
|
378.550
|
|
3. Individuele hulpverlening door het OCMW
|
866.090
|
0
|
0
|
866.090
|
|
4. Toegestane werkingssubsidies
|
575.305
|
0
|
0
|
575.305
|
|
5. Andere operationele uitgaven
|
3.000
|
0
|
0
|
3.000
|
|
Totaal Operationele Uitgaven
|
2.362.058
|
280.000
|
0
|
2.642.058
|
|
B. Financiële uitgaven
|
Mjp 2025
|
Mjp 2026
|
Mjp 2027
|
TOTAAL
|
|
1. Rente, commissies en kosten verbonden aan schulden
|
224.300
|
0
|
0
|
224.300
|
|
2. Andere financiële uitgaven
|
0
|
0
|
0
|
0
|
|
Totaal Financiële Uitgaven
|
224.300
|
0
|
0
|
224.300
|
Over de periode 2025-2027 schrijven we bijkomend 2,9 miljoen euro aan exploitatieuitgaven in.
De aankoop van goederen en diensten (A.1) neemt toe met 819.00 miljoen euro. Deze stijging is vooral toe te wijzen aan extra budgetten voor energie (204.000 euro) de bijdrage aan IGEAN (433.000 euro), uitzendkrachten (50.000 euro) en ICT en communicatie (62.000 euro).
Op basis van onze maandelijkse monitoring van de bezoldigingen (A.2), gaan we er van uit dat de budgetten van 2025 voor lonen zullen volstaan. Er werden dan ook geen significante aanpassingen gedaan. De lonen van het onderwijzend personeel, betaald door Vlaanderen, werden wel verhoogd (350.000 euro).
In lijn met de stijging die we de voorbije maanden hebben vastgesteld, werd het budget voor individuele hulpverlening door het OCMW (A.3) verhoogd met 866.000 euro voor 2025.
De toename van de toegestane werkingssubsidies (A.4) met 575.000 euro is voornamelijk te wijten aan een stijging van de geraamde werkingssubsidies voor de politiezone (375.000 euro) en de doorstorting van de vernieuwde BOA subsidies (157.000 euro).
We voorzien voor 2025 bijkomend 224.000 euro aan rentelasten (B.1).