Financiële bespreking en beschrijving van de grondslagen en assumpties

Inleiding bij de financiële bespreking en de grondslagen en assumpties

Terug naar navigatie - Financiële bespreking en beschrijving van de grondslagen en assumpties - Inleiding bij de financiële bespreking en de grondslagen en assumpties

Dit document omvat het meerjarenplan 2026-2031 van Stad en OCMW Mortsel. Concreet bundelt dit document een aantal beslissingen:

  • dit document neemt budgetten op voor de periode 2026 – 2031;
  • dit document stelt de kredieten van 2026 vast.

Grondslagen en assumpties

Terug naar navigatie - Financiële bespreking en beschrijving van de grondslagen en assumpties - Grondslagen en assumpties

Voor de aanpassing van de loonbudgetten van 2026 hebben we, voortgaand op de inschattingen van het Planbureau, gerekend met een indexsprong in januari en daaruit volgend een verhoging van de lonen in april.

Voor de budgetten voor elektriciteit en gas baseren we ons voor de aanpassing van de budgetten 2025 op de tussentijdse cijfers tot en met augustus 2025.

De courante exploitatieuitgaven voor de aankoop van goederen en diensten stijgen met 2% in 2026, 2027 en 2029. In 2028 is er een groeivoet voorzien van 0,5% en in 2030 en 2031 telkens 1%.

De budgetten voor opcentiemen onroerende voorheffing en de opcentiemen op de aanvullende personenbelastingen werden gebaseerd op de ramingen die we ontvingen van de Vlaamse en federale overheid, rekening houdend met de wijzigende tarieven. Voor de onroerende voorheffing werd hier jaarlijks een beperkt bedrag aan toegevoegd, gelet op de geplande verderzetting van het project van de aanpassing van de KI’s.

De responsabiliseringsbijdrage werd bepaald op basis van de ramingen van de Federale Pensioendienst. De dotatie responsabiliseringsbijdrage (ontvangst) werd bepaald als een percentage van de uitgave.

De bijkomende uitgaven voor leefloon met betrekking tot de afbouw van de werkloosheid in de tijd werden gesimuleerd met een rekentool die ter beschikking werd gesteld door VVSG.

De uitgaven voor terugbetalingen (kapitaal + interesten) van de bestaande leningen werden overgenomen van de aflossingstabellen. Voor de nieuwe leningen zijn we uitgegaan van een rentevoet van 3,30%.

Exploitatie

Terug naar navigatie - Financiële bespreking en beschrijving van de grondslagen en assumpties - Exploitatie

Exploitatieuitgaven

Voor de periode 2026 – 2031 voorzien we volgende exploitatieuitgaven:

Operationele uitgaven

A. Operationele uitgaven

(x 1.000 eur)

Mjp 2026

Mjp 2027

Mjp 2028

Mjp 2029

Mjp 2030

Mjp 2031

Goederen en diensten

14.601

14.277

14.039

14.289

14.508

14.658

Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen

46.017

47.264

48.620

49.850

50.793

51.729

Individuele hulpverlening door het OCMW

3.362

3.611

3.612

3.959

3.907

3.856

Toegestane werkingssubsidies

10.926

11.010

11.122

11.224

11.123

11.212

Andere operationele uitgaven

1.763

102

102

104

105

107

Totaal operationele uitgaven

76.669

76.263

77.495

79.426

80.437

81.561

 

De aankoop van goederen en diensten (A.1) omvat een erg lange lijst van allerlei uitgaven. Het gaat hierbij om, onder andere, de bijdrage aan IGEAN, diverse erelonen en vergoedingen, extern groenonderhoud, uitgaven voor energie, aankopen van werkingsmateriaal, uitzendkrachten, ICT en telecom, schoonmaak enzovoort.

In 2026 werden enkele eenmalige budgetten voorzien zoals het chippen van gft-containers en een welzijnsbevraging van de medewerkers. De exploitatieuitgaven gelinkt aan de Mark Liebrecht Schouwburg (MLS) werden in 2026 nog voor zes maanden opgenomen. Daarna gaat deze activiteit over naar AGB.

De budgetten voor bezoldigingen (A.2) bestaan voor ongeveer een derde uit bezoldigingen van onderwijzend personeel, waar ook dotaties tegenover staan.

Op basis van de inschattingen van de Federale Pensioendienst en de realisaties van de voorbije jaren gaan we er van uit dat de uitgaven voor de responsabiliseringsbijdrage zullen toenemen van 3,0 miljoen in 2026 tot 5,2 miljoen in 2031.

Naar aanleiding van de federale maatregelen met betrekking tot de beperking van de werkloosheid in de tijd, werden de budgetten voor de individuele hulpverlening door het OCMW (A.3) aanzienlijk verhoogd ten opzichte van de voorbije jaren. Ook na 2026 voorzien we nog een toename van deze uitgaven.

De toegestane werkingssubsidies (A.4) bestaan in belangrijke mate uit de dotaties die worden uitbetaald aan politiezone Minos en brandweerzone Rand. Met name de dotaties voor de politiezone liggen aanzienlijk hoger dan de voorbije jaren, omwille van het vertrek van Borsbeek uit de politiezone.

Ook de prijssubsidies aan AGB vinden we hier terug. Ook deze liggen hoger dan vorige legislatuur vermits er nu ook prijssubsidies zullen worden uitbetaald voor de bibliotheek, MLS en de zaalverhuur in het stadhuis.

Andere belangrijke uitgaven onder deze rubriek zijn de doorstorting subsidies (WSE en BOA) aan de diverse betrokken partners, de vergoeding voor de Dagschotel (sociaal restaurant) en de bijdragen aan de diverse kerkfabrieken.

Binnen de andere operationele uitgaven (A.5) zien we een eenmalige grote uitgave in 2026: een uitbetaling naar aanleiding van de dading met betrekking tot de ondergrondse parking Stadsplein. Voor het overige omvat deze rubriek vnl. budgetten voor de betaling van de onroerende voorheffing en minderwaarden op vorderingen.

Financiële uitgaven

B. Financiële Uitgaven

(x 1.000 eur)

Mjp 2026

Mjp 2027

Mjp 2028

Mjp 2029

Mjp 2030

Mjp 2031

Rente, commissies en kosten verbonden aan schulden

2.226

2.106

2.269

2.302

2.293

2.204

Andere financiële uitgaven

3

3

3

3

3

3

Totaal financiële uitgaven

2.229

2.109

2.271

2.305

2.296

2.207

We voorzien de nodige budgetten voor de rentelasten (B.1) van zowel de huidige als de nieuw op te nemen leningen.

Exploitatieontvangsten

Operationele ontvangsten

A. Operationele ontvangsten

(x 1.000 eur)

Mjp 2026

Mjp 2027

Mjp 2028

Mjp 2029

Mjp 2030

Mjp 2031

Ontvangsten uit de werking

12.530

13.237

13.463

13.734

13.929

14.138

Fiscale ontvangsten en boetes

29.511

29.541

30.317

31.019

31.147

31.762

Werkingssubsidies

35.946

36.348

37.009

37.857

38.298

39.113

Recuperatie individuele hulpverlening

442

450

459

468

477

486

Andere operationele ontvangsten

595

606

618

628

640

653

Totaal operationele ontvangsten

79.024

80.183

81.866

83.705

84.491

86.152

De ontvangsten uit de werking (A.1) omvatten een lange lijst van allerlei inkomsten. De belangrijkste zijn de inkomsten van het woonzorgcentrum (zowel facturatie als de ontvangsten vanuit de Vlaamse Sociale Bescherming), diverse huurinkomsten, inkomsten uit de retributies en de doorrekeningen aan andere gemeenten (prijssubsidies Zwembad Den Bessem en bijdrage voor ZORA Werkt!).

De twee belangrijkste onderdelen van de fiscale ontvangsten (A.2) zijn de opcentiemen op de onroerende voorheffing en de aanvullende belasting op de personenbelasting. Beide zijn goed voor een inkomst van meer dan 13 miljoen euro op jaarbasis in 2026. De overige belastingen zijn samen goed voor 2,4 miljoen euro in 2026.

Bijna de helft van de werkingssubsidies (A.3) bestaat uit de bijdrage van de overheid voor de bezoldiging van het onderwijzend personeel (15,3 miljoen in 2026). Verder vinden we hier de inkomsten uit het gemeentefonds (7 miljoen euro), de dotatie voor de responsabiliseringsbijdrage, sociale maribel, recuperatie van individuele hulpverlening en tal van (tewerkstellings)subsidies en toelages.

Binnen de categorie andere operationele ontvangsten (A.5) vinden we, onder andere, de inhoudingen in het kader van het fietslease programma en de inhoudingen voor maaltijdcheques.

Financiële ontvangsten

B. Financiële ontvangsten

(x 1.000 eur)

Mjp 2026

Mjp 2027

Mjp 2028

Mjp 2029

Mjp 2030

Mjp 2031

Totaal Financiële Ontvangsten

1.188

1.175

1.162

1.181

1.358

1.200

De financiële ontvangsten (B) bestaan voornamelijk uit dividenden (727.000 euro in 2026) en interestsubsidies in het kader van de DBFM Scholen van Morgen (437.000 in 2026).

Exploitatiesaldo

Bovenstaande resulteert in volgend exploitatiesaldo:

Exploitatiesaldo

(x 1.000 eur)

Mjp 2026

Mjp 2027

Mjp 2028

Mjp 2029

Mjp 2030

Mjp 2031

Exploitatieresultaat

1.315

2.985

3.262

3.155

3.116

3.584

 

Investeringen

Terug naar navigatie - Financiële bespreking en beschrijving van de grondslagen en assumpties - Investeringen

Overzicht per investeringsproject

Ons bestuur kiest ervoor om de investeringsbudgetten op te volgen aan de hand van investeringsprojecten. Deze projecten isoleren grote investeringen en bundelen kleinere ingrepen in logische groepen. Voor het meerjarenplan 2026 – 2031 hebben we 13 investeringsprojecten vastgelegd.

Investeringsuitgaven

Investeringsuitgaven

(x 1.000 eur)

Mjp 2026

Mjp 2027

Mjp 2028

Mjp 2029

Mjp 2030

Mjp 2031

IP 01 ONDERHOUD PATRIMONIUM

1.867

565

602

64

295

0

IP 02 OPTIMALISATIE PATRIMONIUM

110

0

0

0

0

0

IP 03 ICT

558

277

275

581

287

293

IP 04 EXTERNE BESTUREN

911

540

511

516

541

498

IP 05 ROERENDE GOEDEREN

1.082

432

298

421

464

171

IP 06 VERBETEREN VAN HET STADSBEELD

3.822

2.756

1.433

1.870

1.498

1.531

IP 07 FORT 4

3.020

1.000

0

1.000

0

1.000

IP 08 HUISVESTING SPECIFIEKE DOELGROEPEN

940

20

0

0

0

0

IP 09 PARKING STADSPLEIN

0

3.456

0

0

0

0

IP 11 WELZIJNSHUIS

3.025

3.855

1.000

0

0

0

IP 12 RUP'S

0

0

80

0

0

0

IP 13 OVERNAME OPENBAAR VERLICHTINGSNET DOOR FLUVIUS

350

351

348

31

30

189

Totaal investeringsuitgaven

15.686

13.252

4.547

4.483

3.115

3.682

IP 01 Onderhoud patrimonium

Dit investeringsproject omvat al de budgetten die te maken hebben met ingrepen in ons patrimonium. Zo worden er onder andere budgetten uitgetrokken voor werken in het Meerminnehof, het GTI, ABK, AMWD, GAW Ter Linden en Hoeve Dieseghem.

IP 02 Optimalisatie patrimonium

In 2026 voorzien we budgetten voor de opmaak van het patrimoniumplan en verbetering van de biodiversiteit in de Koudebeekvallei en Gasthuishoeven.

IP 03 ICT

Het gros van deze uitgaven bestaan uit het jaarlijkse ICT-budget dat gebruikt wordt voor het in stand houden van de ICT-infrastructuur van het lokaal bestuur (netwerk, laptops, schermen, …). Daarnaast worden middelen voorzien voor elke school en het Meerminnehof.

In 2029 is er een eenmalige verhoging vermits al onze licenties dan zullen moeten verlengd worden.

IP 04 Externe besturen

Zowel de politiezone Minos (+/- 175.000 euro per jaar) als de brandweerzone Rand (+/- 340.000 per jaar) ontvangen een investeringstoelage. In 2026 werd een bijkomend budget van 300.000 euro opgenomen als investeringstoelage voor de verschillende kerkfabrieken.

IP 05 Roerende goederen

Elk jaar voorzien we voor +/- 124.000 euro aan weerkerende budgetten voor de aankoop van feestmateriaal, groenelementen, muziekinstrumenten, fietsen, meubilair, infoborden en dergelijke.

Daarnaast zal er, verspreid over de legislatuur, voor 1,7 miljoen euro aan voertuigen aangekocht worden. Het gaat om personenwagens die we momenteel leasen en die aangekocht zullen worden wanneer hun contract op vervaldag komt, maar ook om een nieuwe vrachtwagen, een kraan, een tractor en een veegwagen.

Het GTI zal voor 285.000 euro aan nieuwe machines kunnen aankopen.

IP 06 Verbeteren van het stadsbeeld

Investeringsproject 6 omvat al de geplande investeringen in wegen, fiets- en voetpaden voor de komende zes jaar.

Er zijn weerkerende jaarlijkse budgetten voor voet- en fietspaden (125.000 euro), verbeteringen van het trage wegen netwerk (30.000 euro), grondafvoer (25.000 euro), vernieuwen speelterreinen (200.000 euro), onderhoud speeltuigen (10.000 euro), straatmeubilair (25.000 euro) en verkeersborden (52.000 euro).

Verder voorzien we budgetten voor de opmaak van diverse plannen en een update van de bouwcode (310.000 euro).

Voor de heraanleg van straten wordt er vier maal 1 miljoen euro uitgetrokken. De uitvoering van het verkeersleefbaarheidsplan zal gefaseerd worden uitgerold tussen 2026 en 2028 en heeft een budget van 1,5 miljoen euro. De heraanleg van de E. Thieffrylaan staat gepland in 2026 met een apart budget van 1,6 miljoen euro.

Er wordt 1,3 miljoen euro ingeschreven voor investeringen in de fietsostrade en 525.000 euro voor de heraanleg van pleintjes.

IP 07 FORT 4

In 2026 voorzien we een budget van 3 miljoen euro voor de (dak)werken aan het Reduit.

In 2027, 2029 en 2031 voorzien we telkens 1 miljoen euro voor werken aan de andere gebouwen van het fort.

IP 08 Huisvesting specifieke doelgroepen

De werkzaamheden aan de noodwoningen aan de Mayerlei zijn bezig. Het laatste deel van het budget staat ingeschreven in 2026: 940.00 euro.

IP 09 Parking Stadsplein

In 2027 zal de ondergrondse parking Stadsplein, zoals contractueel voorzien, volledig eigendom worden van Stad Mortsel. Hiertoe dient er 3.456.000 euro betaald te worden.

IP 11 Welzijnshuis

Het voormalige politiegebouw naast het stadhuis zal worden verbouwd tot een Welzijnshuis. We voorzien voor deze werken een totaal budget van 7,9 miljoen euro voor de periode 2026 – 2028.

IP 12 RUP’s

Er wordt een budget van 80.000 euro voorzien voor eventuele (aanpassingen van) RUP’s.

IP 13 Overname openbaar verlichtingsnet door Fluvius

Net zoals de voorbije jaren zal de verledding van de Mortselse openbare verlichting verder worden gezet. Richting het einde van de legislatuur dalen de gebudgetteerde uitgaven omdat tegen dan het gros van de werken uitgevoerd zou moeten zijn.

Investeringsontvangsten

Investeringsontvangsten

(x 1.000 eur)

Mjp 2026

Mjp 2027

Mjp 2028

Mjp 2029

Mjp 2030

Mjp 2031

IP 02 OPTIMALISATIE PATRIMONIUM

26.868

4.958

0

450

0

0

IP 03 ICT

218

100

0

0

0

0

IP 04 EXTERNE BESTUREN

873

887

901

916

931

947

IP 06 VERBETEREN VAN HET STADSBEELD

900

650

315

0

0

0

IP 10 PARKING KRIJGSBAAN

0

0

0

0

3.035

0

IP 11 WELZIJNSHUIS

0

0

850

0

0

0

IP 13 OVERNAME OPENBAAR VERLICHTINGSNET DOOR FLUVIUS

54

54

54

54

54

54

Totaal investeringsontvangsten

28.914

6.649

2.120

1.420

4.020

1.001

IP 02 Optimalisatie patrimonium

Stad Mortsel zal het stadhuis in erfpacht geven aan het AGB. Ze ontvangt daarvoor een geraamd bedrag van 24,2 miljoen euro. Het gros van dit bedrag wordt meteen terug uitgeleend aan AGB (zie verder).

We schrijven inkomsten in vanuit twee grote ontwikkelingsprojecten: Stadsterras (1,6 miljoen euro) en de site St. Benedictus (1,9 miljoen euro).

De voorziene ontvangsten uit de verkoop van gebouwen zijn de volgende: bibliotheek Eggestraat (500.000 euro), gebouw Parkske (900.000 euro), site Meerminne (2.750.000 euro) en gebouw LOI Krijgsbaan (450.000 euro).

IP 03 ICT

Voor de projecten Digiplan (200.000 euro) en Gemeente zonder Gemeentehuis (118.000 euro) gaan we uit van ontvangsten uit subsidies.

IP 04 Externe besturen

Dit investeringsproject omvat de VIPA subsidies voor het WZC Meerminnehof (510.200 euro per jaar) en de investeringsontvangsten van de DBFM Parkschool.

IP 06 Verbeteren van het stadsbeeld

Werken aan het openbaar domein kunnen vaak rekenen op subsidies. We schrijven subsidies in voor de heraanleg van pleintjes (315.000 euro), hoppinpunten (250.000 euro) en fietsostrade (1,3 miljoen euro).

IP 10 Parking Krijgsbaan

De site “parking Krijgsbaan” biedt mogelijkheden tot ontwikkeling. De inkomsten hiervan worden geraamd op 3 miljoen euro en ingeschreven in 2030.

IP 11 Welzijnshuis

Voor de bouw van het Welzijnshuis rekenen we op een VIPA subsidie van 850.000 euro.

IP 13 Overname openbaar verlichtingsnet door Fluvius

De verledding van de openbare verlichting door Fluvius geeft aanleiding tot een jaarlijkse investeringsontvangst van 54.000 euro.

Financiering

Terug naar navigatie - Financiële bespreking en beschrijving van de grondslagen en assumpties - Financiering

Financieringsuitgaven

Financieringsuitgaven

(x 1.000 eur)

Mjp 2026

Mjp 2027

Mjp 2028

Mjp 2029

Mjp 2030

Mjp 2031

Toegestane lening aan AGB

21.722

0

0

0

0

0

Leasingschuld nav verledding (Fluvius)

589

627

665

691

708

732

Kapitaalsaflossingen

3.071

3.083

3.463

3.710

3.788

3.813

Totaal Financieringsuitgaven

25.382

3.710

4.128

4.400

4.496

4.544

Stad Mortsel zal het stadhuis in erfpacht geven aan het AGB. Ze ontvangt daarvoor een geraamd bedrag van 24,2 miljoen euro. Het gros van dit bedrag (21,7 miljoen) zal meteen terug worden uitgeleend aan AGB.

De kapitaalsaflossingen van de lopende en nieuwe leningen werden opgenomen volgens (geraamde) aflossingstabellen.

Financieringsontvangsten

Financieringsontvangsten

(x 1.000 eur)

Mjp 2026

Mjp 2027

Mjp 2028

Mjp 2029

Mjp 2030

Mjp 2031

Leasingschuld nav verledding (Fluvius)

350

351

348

31

30

189

Opname nieuwe leningen

12.000

6.500

2.500

3.500

1.000

3.000

Ontvangsten uit toegestane lening aan AGB

503

503

503

503

503

503

Totaal Financieringsontvangsten

12.853

7.354

3.351

4.033

1.533

3.691

Om de voorziene investeringsuitgaven te financieren, voorzien we de opname van 28,5 miljoen euro aan nieuwe leningen, gespreid over de looptijd van het meerjarenplan.

De toegestane lening aan het AGB zal, samen met de reeds lopende toegestane lening, worden terugbetaald a rato van 503.000 euro per jaar.

Evenwichten

Terug naar navigatie - Financiële bespreking en beschrijving van de grondslagen en assumpties - Evenwichten

Gecumuleerd budgettair resultaat

Het gecumuleerd resultaat dient steeds positief te zijn. Dit evenwicht wordt berekend in schema M2 en rapporteert zowel het gecumuleerd budgettair resultaat van de stad en OCMW enerzijds als van het AGB anderzijds.

Zowel het lokaal bestuur als het AGB voldoen aan de opgelegde evenwichten.

Autofinancieringsmarge

De autofinancieringsmarge (AFM) is de verhouding tussen het exploitatiesaldo en de kapitaalsaflossingen. Deze indicator geeft aan in hoeverre ons bestuur in staat is om haar leningen terug te betalen.

De onderstaande grafiek geeft de evolutie van de AFM weer voor de periode 2026-2031 voor de stad en het OCMW.

De AFM dient positief te zijn in het laatste jaar van het meerjarenplan (in casu 2031). Dit is het geval. Enkel in 2026 is er een negatieve AFM omwille een uitzonderlijke exploitatieuitgave.

Gecorrigeerde autofinancieringsmarge

De gecorrigeerde AFM geeft een ratio weer in functie van een fictieve aflossingslast: de wetgever simuleert deze leningslast aan een aflossingstempo van 8% per jaar. Deze waarde verschilt sterk voor Mortsel omwille van twee redenen:

  1. de effectieve leningen worden op minder dan 8% verrekend,
  2. een aantal leningen wordt gerecupereerd via VIPA en Scholen voor Morgen. Deze recuperatie mag niet verrekend worden in de gecorrigeerde AFM.

Deze ratio is indicatief en niet bindend. Omdat de correcties tegenover de AFM dezelfde zijn over de jaren heen, zien we dezelfde tendensen terugkomen als bij de ‘gewone’ AFM.

Conclusie

Terug naar navigatie - Financiële bespreking en beschrijving van de grondslagen en assumpties - Conclusie

Dit document omvat het meerjarenplan 2026 – 2031 van Stad en OCMW Mortsel. Het neemt budgetten op voor de periode 2026-2031 en stelt de kredieten van 2026 vast.

Het meerjarenplan 2026 – 2031 voldoet aan de wettelijke evenwichtsvoorwaarden.